De geschiedenis van het museum

Het museum is in 1972 opgericht in nauw overleg met de gemeente Laren, aan wie de amateurgeoloog Lucas Hofland bij zijn overlijden in 1969 zijn zwerfstenenverzameling had nagelaten. Sindsdien is de collectie sterk uitgebreid en ook gevarieerder geworden door aankopingen en schenkingen.

Het museum is ontstaan vanuit het NIVON (Nederlands Instituut voor Volksontwikkeling en Natuurvriendenwerk). In 1957 werd NIVON afdeling Laren opgericht en in 1963 ontstond de werkgroep amateurgeologie. Lucas Hofland, een ervaren amateur geoloog die zijn sporen in de regionale geologie verdiend had, was een keer uitgenodigd om een inleiding te geven op een van de bijeenkomsten van deze werkgroep. Hij voelde zich daar zo goed thuis, dat hij zich definitief bij de groep aansloot.

In 1967 werd door de Nivon afdeling Laren, vanwege een feestweek rond Koninginnedag, een tentoonstelling georganiseerd. De geologiegroep kwam met een indrukwekkende presentatie voor de dag. Omdat de radio die Koninginnedag reportages vanuit Laren verzorgde kwamen er vele honderden geinteresseerden op af. Menig kijker vond dat de deze collectie blijvend te zien zou moeten zijn en zo ontstond het idee om een museum te beginnen. Het vinden van een geschikte ruimte bleek echter een probleem.

In 1969 overleed Lucas Hofland. Naast een groot verlies voor de groep bleek er ook een lichtpunt: hij had zijn verzameling van vooral zwerfstenen vermaakt aan de gemeente Laren, in de hoop dat die zo niet verloren zou gaan. De gemeente accepteerde de gift, maar wist niet wat ze ermee moest beginnen en het materiaal werd in de kelder opgeslagen. Na het nodige overleg werd met de gemeente Laren overeengekomen dat, als de geologiegroep een museum zou weten te realiseren de Hoflandverzameling daarin kon worden opgenomen. Uiteindelijk werd een oude boerderij op het Zevenend in Laren gevonden, die met vereende krachten werd omgetoverd tot geologisch museum. De Stichting Geologisch Museum Hofland kwam tot stand op 19 april 1972.

Om aan de belangrijkste doelstelling van de Stichting te kunnen voldoen, namelijk het op wetenschappelijk verantwoorde, maar wel op populariserende wijze informatie verstrekken aan jong en oud was meer nodig dan alleen zwerfstenen. Heel wat amateur geologen leverden mooie stukken uit hun eigen verzameling.

Na ongeveer 15 jaar op het Zevenend gevestigd te zijn geweest bleek het niet mogelijk daar langer te blijven. Op 1 april 1988 kreeg de Stichting van de gemeente Laren de beschikking over het huidige pand aan de Hilversumseweg 51 te Laren. Het oorspronkelijke gebouw is een Tolhuis dat door de gemeenten Laren en Hilversum in 1853 aan hun beider dorpsgrens werd gebouwd om de kosten van wegverharding terug te kunnen verdienen.

Bij het Tolhuis hoorde een tuin. Het voormalige moestuingedeelte werd in het begin van de jaren negentig ingericht als stenentuin, waar uiteindelijk 60 ton zwerfstenen werd bijeengebracht uit vindplaatsen in Blaricum, Hilversum, het Urkerbos en de Hondsrug in Drente. Deze stenentuin is zo een verlengstuk van de collectie die in het museum wordt getoond.

Sinds 1999 is het museum officieel opgenomen in het museumregister van de Nederlandse Museumvereniging. In 2006 kon het museum flink uitgebreid worden met een nieuwe vleugel, waarin een grote expositieruimte is en een souterrain voor lezingen en collectieopslag. Deze toevoeging staat bekend onder de naam Nienhuijs vleugel, vanwege een aanzienlijk schenkingsbedrag van deze amateur geoloog die zo de aanzet tot de uitbreiding gaf.